you have to laugh at yourself,
because you'd cry your eyes out if you didn't [*]






7 december 2010

de geheimen van jacq

Het is eigenlijk een verhaal om met veel dramatiek en oog voor detail te vertellen. Maar als ik dat er allemaal af schraap, blijft er dit van over: half uur bij min 15 geprobeerd mijn autoslot open te krijgen, vingers niet meer te buigen, tenen lagen los in de laarzen. Bleek het dus mijn auto niet te zijn. Die stond ernaast. Te mijner verdediging: ongeveer dezelfde kleur auto. Tot mijn schande: totaal ander merk.

(Ik sla ook maar even het stuk over waarin ik een kwartier met de hand voor de mond in mijn eigen auto zat, dat is pas echt een vrij saai stuk.)

"Dat je dit überhaupt durft te vertellen!", zei vriendin S., toen ik het haar de dag erop vertelde.
"Maar ik kan daar toch niet alleen mee blijven zitten", zei ik.
"Ik had het geheim gehouden", zei S. die dus nog een stuk achterbakser is dan ik al dacht.
"Ik kan dat niet", zei ik, want ik kan dat niet.

Van de dingen die ik niet vertel, wordt mijn hart te zwaar. Ik heb geen geheimen, niet omdat ik per se geloof in het ongelimiteerd delen van alles wat beschamend en te erg voor woorden is, maar omdat ik geen keuze heb. De shit die ik verzwijg, bouwt zich op - en dan loop je de kans om ooit een keer middenin de supermarkt op je rug te gaan liggen en in luid gejammer uit te barsten. Dat wil je niet, geen volwassen mens wil dat. De blikken van meelij, het besmuikte gelach, de korte weg naar het gesticht dat tegenwoordig middenin in de woonwijk staat en niet, zoals het hoort, in een kalmerend bos met ruisende bomen.

Ik was - maar dat heb ik S. dus duidelijk niet verteld - zelfs mijn auto weer uit gesprongen toen er twee voorbijgangers passeerden. Ik had hen het hele verhaal uit de doeken gedaan en was twee keer opnieuw begonnen wegens continuïteitsfouten. De voorbijgangers hadden verbijsterd gekeken, misschien wel voornamelijk omdat ze waren besprongen door een vreemde vrouw met een ijspegel aan de neus. “Nou, het is allemaal wat”, had de man op het eind aarzelend gezegd. De vrouw keek vies. Ik was weer in de auto gaan zitten, mijn handen waren warmer geworden en mijn hart langzaam lichter.

Share |