stukjes jacq

12 maart 2008

update in vier bedrijven /1

1.
Het schoot ineens door me heen hoe compleet logisch het zou zijn: als ik ons oude telefoonnummer van vroeger zou draaien, dat ik dan mijn moeder van vroeger aan de telefoon zou kunnen krijgen. Die dingen zijn niet mogelijk, maar dat zeiden ze vroeger van vliegen ook.


2.
Elke week droom ik wel een paar keer van mijn moeder. Altijd is ze wakker. Ze praat nog wat moeilijk, iets langzamer dan ze zelf zou willen. Maar ze staat, en ze loopt, en ze is maar een klein beetje verward over wat er allemaal gebeurd is. Een keer vond ik haar in een overvolle winkel, waar het huilen haar nader stond dan het lachen. De muziek stond ook veel te hard voor iemand die maanden in een coma had gelegen. Mijn hart brak. In alle dromen doe ik alsof het allemaal heel gewoon is, vooral om mijn moeder niet ongerust te maken. En in alle dromen stap ik even uit de scene en sla mijn handen voor mijn gezicht. 'Ik kan het niet geloven', zeg ik. 'Ik kan het niet geloven.'

3.
De realiteit. Versie 1.

'Nou ja goed, uw moeder is naar mijn idee in een coma vigil', zegt de neurochirurg die graag termen gebruikt die de mensen tegenover hem niet kennen.

[morgen verder]