stukjes jacq

26 november 2006

de kikker die niet in de bh zat

'Ik voel me echt extreem verwaarloosd', zei de kikker in mijn badkamer waarover ik nog steeds eens een normaal stukje zou schrijven.

Dat snap ik best. Daarom ga ik het dan nu eindelijk maar eens over de toestand met de kikker in mijn badkamer hebben. Het was dus allemaal zo begonnen:

Ik tijpte een a en ik dacht: nee.
Ik tijpte een b en ik dacht nee.
Welke letter ik ook tijpte, steeds dacht ik: nee.
En toen dacht ik: ik ga eerst maar eens even een stukje douchen.
Ik zette de kraan vast aan.
Ik kleedde me uit.
Ik trok het douchegordijn weg.
En toen zat daar een werkelijk enorme kikker.

Eerst dacht ik trouwens dat het een bruingroen verfrommeld washandje was, maar dat kwam omdat ik mijn lenzen niet in had. En nee, ik heb helemaal geen bruingroene washandjes, maar zo scherp ben je gewoon niet in een crisissituatie. Toen ik mijn ene (naakte) voet al half in het douchegedeelte had, begreep ik wat ik zag. Vooral ook omdat washandjes geen dijbenen hebben en niet uit zichzelf bewegen. Ik trok mijn voet terug.

Nu ben ik ervan overtuigd dat je altijd een keuze hebt. Ik kon in paniek raken, niet meer in staat zijn tot enige daadkracht en dus zou ik mijn haar niet kunnen wassen, hetgeen wel noodzakelijk was. Ik kon ook niet in paniek raken, een en ander ondernemen richting de kikker en daarna mijn haar wassen.


Direct daarna besloot ik dat ik paniek zou raken. Ik slaakte een gil, maar het was eigenlijk een heel grote brul, waarvan ik niet wist dat ik zo'n geluid in mij had. Ik rende naakt mijn badkamer uit en begon om de een of andere reden op en neer te springen. Iets in mij zei dat je niet moet springen zonder bh aan (als vrouw), maar daar had ik op dat moment geen boodschap aan.

Toen kwam ik bij zinnen. Ik trok een bh aan en besloot tot het opbellen van drie mannen. Mannen zijn over het algemeen prettig om mee te praten als je eens een keer een probleem hebt. Vrouwen bel ik nooit bij problemen, die gaan namelijk direct op zoek naar een eigen probleem dat eventueel herkenbaar is in relatie tot jouw probleem. Voordat je het weet, zit je in een slecht huwelijk of een geschil met families en is jouw kikker van de aardbodem verdwenen. Overdrachtelijk dan.

Ik maakte een top drie van mannen en begon met bellen. Man 1 zei: 'Ik denk erover na jacq, en bel jou zo dadelijk terug', en hing op. Van deze man is verder nooit meer iets vernomen. Man 2 nam dwars door de telefoon heen een actieve luisterhouding aan en zei meelevend: "Uhuh ... uhuh ...', maar bleef daar een klein beetje in hangen. 'Kun je hem niet doodslaan dan?', zei man 3 en die hing ik zelf op. Het was duidelijk: ik stond er alleen voor.

Met tegenzin stond ik op van mijn bank. Ik schuifelde als een oud wijf naar mijn badkamer. Ik trok het douchegordijn open. De kikker was weg. Mijn ogen schoten van links naar rechts en van boven naar onder. Maar de kikker was weg. Ik gilde. Ik gilde nog eens. Ik greep in de cups van mijn bh, alsof de kikker daar wel eens ingeklommen zou kunnen zijn. Maar hij zat er niet. De kikker zat niet in mijn bh. Waar kon hij dan zijn! Van de aardbodem verdwenen of zo? Oh men, ik voelde een onvervalste cliffhanger opkomen.

22 november 2006

jacq kan nu elk moment bellen

In gedachten bedacht ik mij alvast iets. Dat ik misschien een keertje kennis kon gaan maken met de schoonmaakster die me via-via was aangeraden. Ik had het briefje met haar telefoonnummer nu al een paar weken op de eettafel liggen. Tot nu toe durfde ik niet goed te bellen. Gewoon een stukje reguliere telefoonweerzin, natuurlijk. Ik kon haar nu elk moment gaan bellen, als ik even wat tijd over zou hebben tenminste. Dan konden we iets afspreken, en dan konden we direct vragen of zij het zag zitten om hier bijvoorbeeld eens in de paar weken een stukje te komen schoonmaken. Of elke week. Of bijvoorbeeld een paar keer per week. Of bijvoorbeeld elke dag, als ze zelf dacht dat dat noodzakelijk was.

'Ik denk zelf eerlijk gezegd van wel', zei Boris V. angstig, terwijl hij overdreven nieste vanwege zijn stofallergie. Dat is niet eenvoudig, niezen en angstig kijken tegelijkertijd maar Boris V. draait er de hand niet voor om. Want niezen, angstig kijken en ook nog eens tegelijkertijd je hand omdraaien, dat lukt zelfs Boris V. niet.

'Doe niet zo hysterisch', zei ik.
Maar mijn stem klonk te schril.
Ik kreeg een beetje kippenvel.
Mijn hart sloeg een stukje over.
En verder voelde ik me ook niet zo toppie ineens.

Wat als de schoonmaakster bijvoorbeeld achter de verwarming ging kijken, waar de zes volle neven van Boris V. wonen. Of als ze op het aanrecht klom en de bovenkant van de keukenkastjes zou zien. Ik had dat zelf ook een keer gezien toen ik ooit zelf op het aanrecht was geklommen. Ik was er direct weer van af gesprongen, want zo ga ik er dan dus zelf meestal mee om. Maar in mijn hoofd begon een gedachte zichzelf te denken. Kun je worden afgewezen door een schoonmaakster?

'En als ze ons wel leuk genoeg vindt', zei Boris V. die namelijk gedachten kan lezen. 'Gaan we dan door naar de volgende ronde?' 'Yeah right, en dat is dan de theaterronde', zei ik. En ik rolde met mijn ogen.

Ik keek naar het briefje op mijn eettafel.
Ik ging de schoonmaakster bellen.
Ik ging de schoonmaakster bellen.
Het kon nu elk moment zo ver zijn.
Zo gauw als ik een beetje tijd over had dan.

15 november 2006

de ontroering van jacq

Gisteren overviel mij ineens een groot gevoel van ontroering toen ik de enveloppen voor de interne post op Kantoor zag. Voor de mensen die niet op een Kantoor werken, zal ik het even uitleggen, anders snap je niks van dit hele stukje. Enveloppen voor de interne post - dat zijn van die enveloppen waar allemaal vakjes op staan. Zo een envelop staat vaak al half vol met ingevulde vakjes, met geadresseerden binnen Kantoor. Als je dan zelf iets wilt versturen naar een ander persoon op Kantoor, dan kruis je het laatste vakje van de laatste geadresseerde door (ja duh! dat zijn wij dan he, want zo zijn wij dan aan de envelop gekomen!), en dan zet je in het volgende vakje bijvoorbeeld zoiets als:

Dienst Financiele Malversaties
Henk de Munt (gheghe)
C 144

Bijvoorbeeld omdat je je geld niet krijgt of zo en dat je denkt: oh wacht, ik zal die Henk de Munt eens even een dreigbriefje sturen. En dan pleur je de envelop in het vakje uitgaande post en dan haalt iemand hem op. En dan krijgt Henk de Munt de interne envelop, maakt hem open, verscheurt zonder blikken of blozen je dreigbrief, doet nog een paar malversaties, en krijgt ineens zin om zelf ook eens iets te gaan versturen via de interne post. Dan krast hij zijn eigen naam door, en dan schrijft hij in het volgende vakje bijvoorbeeld zoiets als

Dienst catering
Annie Borst
C 039

Het zou kunnen dat Henk de Munt dan vervolgens in de betreffende interne envelop foto's van zichzelf stopt, waarop hij noem eens wat met zijn geslachtsdeel zwaait of Erger, en dat Annie dat dan later onder ogen krijgt, nadat ze vol goeie zin aan het openmaken van de interne post was begonnen. Dat zou echt dom zijn als Henk het zo aanpakte, want zo is hij dus direct te achterhalen. Dus dit lijkt me net even iets minder geschikt voor de interne post, Henk.

Nou enfin, ik had nog nooit eerder stilgestaan bij de interne post, maar nu stond ik erbij stil. En ik raakte dus vervuld van ontroering. Dat wij op Kantoor allemaal dezelfde envelop gebruiken, dat schept een gevoel van samen, tenminste van mij uit gezien dan, ik weet niet hoe de Anderen het ervaren. Een soort van eternal kringloopgebeuren, waar ik heel erg gelukkig van word. Ik krijg er trouwens ook een soort jaren tachtig groen links-gevoel bij, omdat we zo zuinig met papier omspringen.

Dit is trouwens geen stemadvies, ik heb niks met groen links.

09 november 2006

jacq heeft niks met brad p.

Het is dat ik vandaag op Kantoor een man tegen het lijf liep die enorm op een kikker leek, anders had ik dus nooit meer aan die kikker in mijn badkamer gedacht.

Het begon zo. 'Je doet me aan iemand denken', zei ik peinzend tegen de man waarvan ik op dat moment nog niet had bedacht dat hij op een kikker leek. Ik dacht na. Ik dacht oprecht na. Het kon nog alle kanten op. Ik noem een Brad Pitt, ik noem een boer Gerrit, ik noem een Dalai Lama. Iedereen lijkt wel op iemand. Niemand is uniek, behalve ikzelf dan.

Maar toen wrong zich het beeld van de kikker in mijn badkamer in mijn hoofd. Ik vergeleek de kikker met de man en het antwoord was ja. Ik schrok. 'Ik ben benieuwd', zei de man en hij wachtte geduldig. Nu zijn er veel dingen die je kunt zeggen, maar niet 'ja je doet me best wel aan een kikker denken'. Dat weet ik zelfs. Daarom dacht ik voor de vorm nog een tijdje na. En toen schudde ik spijtig mijn hoofd. 'Nah zeg, ik kom er niet op!', zei ik. De man lachte een lach die was bedoeld als een aanmoediging om nog even na te denken. Ik denk dat hij zelf ook zo iemand als Brad Pitt in gedachten had, hoewel ik dus zelf niks met Brad Pitt heb.

Ik bestudeerde het kikkergezicht van de man die op een kikker leek. Ik kneep mijn ogen een beetje dicht, als om alle andere afleidende dingen die zich in mijn gezichtsveld bevonden, buiten te sluiten. Ik moest ervoor waken niet al te verbeten over te komen. Ik kan soms heel aanstellerig zijn in mijn leugens. Het was tijd om te stoppen, anders kon dit nog wel eens uren gaan duren.

'Nopiedopie, ik kom er dus niet op', zei ik met een air van nonchalance, en om dit te onderstrepen, zwiepte ik mijn haren naar achteren. De kikker keek bewonderend. Met mijn wijsvinger zwiepte ik tersluiks weer wat haren terug over mijn schouder. Dat staat me gewoon beter, zeker gezien vanaf de voorkant. Vanaf de achterkant staat het leuker als ik mijn haren naar achter heb gezwiept. Er zijn dagen dat ik niet uitgezwiept raak. De ene keer staan de knappe mannen voor je, het volgende moment achter je. Godsamme, wat zijn die knakkers snel. Het leven is niet zo simpel als je vrouw bent.

Maar enfin, die kikker in mijn badkamer dus.

05 november 2006

jacq zegt: damn

Werd nagefloten in de dierenwinkel.
Draaide me gevleid om, met zo'n gekweld feministische blik.

Bleek het de papegaai.

03 november 2006

jacq gelooft niet in een wonder

Ik zweer het: ik zal jullie zsm asap updaten over de toestand met de kikker uit het vorige stukje, als ik er tenminste zin in heb. Maar nu eerst dit: gisteren zat ik in de trein, en toen minderde de trein vaart. En zoals altijd als een trein vaart mindert: op een gegeven moment is het afgelopen met vaart minderen en sta je stil. Om me heen begonnen mensen te zuchten, omdat het leven nu eenmaal veel te kort is om lang bij stil te staan. Vrouwen keken hulpeloos, mannen op hun horloges. Tieners sms'ten gewoon verder.

Ik keek naar buiten en zag een veld met heel kleine kerstboompjes. Nee, echt heel, heel, heel kleine kerstboompjes. Ze waren zo klein dat ik onwillekeurig een hand voor mijn mond sloeg. Zooo ontzettend klein! Kleiner nog dan Boris V., en die is best groot (voor een kat). Er kwam een soort van mist in mijn ogen zodat ik de boompjes eventjes wazig zag. Ik knipperde met mijn ogen en toen zag ik de boompjes weer helder. Fier maar lief stonden ze daar, in eindeloze rijen waarin elk boompje zijn plaats kende. Ze zagen er vredig en volkomen op hun gemak uit. En heel, heel klein dus, maar dat zei ik al.

In een nare flits binnen in mijn hoofd zag ik ze wreed van elkaar gescheiden, elk in een met lichtjes versierd huis, bij een gezin dat ze niet zelf hadden uitgezocht. Een dood kerstkonijn lag op tafel dood te zijn. Kinderen trokken elkaar haren uit het hoofd. Moeders keken hulpeloos, vaders op hun horloge.

En ik dacht opgelucht: oh, maar dat halen ze nooit!! No way dat deze lieve kleine kerstboompjes met de kerst volwassen zijn. Dat kan gewoon niet. Dan moeten ze namelijk elke dag haast wel een meter groeien. En dat kan niet, per dag een meter groeien. Dat zou namelijk een wonder zijn en wonderen had je alleen in de tijd van Jezus. Er zijn mensen die zeggen dat er ook in onze tijd elke dag wel wonderen gebeuren, als je er maar voor open staat. Maar dat zijn een beetje vage mensen die dus echt overal voor open staan.