jacq is onder water
Gistermiddag kreeg ik ineens het gevoel dat ik onder water zat. Ik keek om me heen. Nee, ik was op Kantoor en dat is niet onder water. Ik slikte. Het was mijn oor. Damn, het was mijn oor en het oor zat dicht!!!
Ik opende mijn mond om er iets over te zeggen. Ik ademde in. Mijn collega's keken op. Een verwachtingsvolle glinstering was in hun ogen. Zij hielden hun adem in. Zij doen echt alles om niet te hoeven werken. En nu hebben zij mij en mijn dingen.
Maar ik ademde uit.
Want ik dacht: nee.
Ik houd het oor voor mezelf.
Ik houd mijn oor voor mezelf, ook voor de toekomst van Kantoor. Ik ken mijzelf. Het verleden heeft een ding bewezen: als ik eenmaal het oor de wereld in laat gaan, dan is er geen einde. Google maar even op 'oor' en 'jacq' en je bent een hele regenachtige middag onder de pannen. Oh, ik zag mij al gesticuleren, met het oor als insteek. Ik voorzag dat ik schetsmatige dingen zou gaan eh schetsen op het whiteboard in ons Kantoor. En oordgrapjes zou gaan maken, over oren en vooral die van mijzelf. Voor je het wist zou mijn oor een wijsvinger zijn waarover ik niet uitgepraat kon raken. Google anders even op 'wijsvinger' en 'jacq' en neem een paar dagen vrij. Kom op joh doe het, wie mist je nou! Ik zou ontslagen worden en in de goot raken. Samen met mijn oor. En mijn wijsvinger. Maar zonder vaste baan en geld voor make-upjes.
Dus ik ademde uit.
Mijn collega's lieten hun adem ook los.
Verdriet was in hun ogen.
Boos keken zij mij aan.
Maar ik hield mijn lippen op elkaar.
Ook al zat ik dan onder water.
Toen wendden zij zich af.
Zij keken om zich heen.
Hun ogen werden dof.
De leegte, oh de leegte.
Toen gingen ze door met werken.
Want als je toch op Kantoor bent.
Kun je natuurlijk net zo goed even wat doen.
Ik opende mijn mond om er iets over te zeggen. Ik ademde in. Mijn collega's keken op. Een verwachtingsvolle glinstering was in hun ogen. Zij hielden hun adem in. Zij doen echt alles om niet te hoeven werken. En nu hebben zij mij en mijn dingen.
Maar ik ademde uit.
Want ik dacht: nee.
Ik houd het oor voor mezelf.
Ik houd mijn oor voor mezelf, ook voor de toekomst van Kantoor. Ik ken mijzelf. Het verleden heeft een ding bewezen: als ik eenmaal het oor de wereld in laat gaan, dan is er geen einde. Google maar even op 'oor' en 'jacq' en je bent een hele regenachtige middag onder de pannen. Oh, ik zag mij al gesticuleren, met het oor als insteek. Ik voorzag dat ik schetsmatige dingen zou gaan eh schetsen op het whiteboard in ons Kantoor. En oordgrapjes zou gaan maken, over oren en vooral die van mijzelf. Voor je het wist zou mijn oor een wijsvinger zijn waarover ik niet uitgepraat kon raken. Google anders even op 'wijsvinger' en 'jacq' en neem een paar dagen vrij. Kom op joh doe het, wie mist je nou! Ik zou ontslagen worden en in de goot raken. Samen met mijn oor. En mijn wijsvinger. Maar zonder vaste baan en geld voor make-upjes.
Dus ik ademde uit.
Mijn collega's lieten hun adem ook los.
Verdriet was in hun ogen.
Boos keken zij mij aan.
Maar ik hield mijn lippen op elkaar.
Ook al zat ik dan onder water.
Toen wendden zij zich af.
Zij keken om zich heen.
Hun ogen werden dof.
De leegte, oh de leegte.
Toen gingen ze door met werken.
Want als je toch op Kantoor bent.
Kun je natuurlijk net zo goed even wat doen.
