jacq kan er niet mee leven
Ik checkte mijn highlights.
(Wow, al zeg ik het zelf.)
Diep haalde ik adem.
Ik zwiepte de deur open.
'Ho-oi', zei ik verlegen.
Niets zei hij terug.
Trillend vielen wij in elkaars armen.
En vanaf dat moment was het goed.
Ik leerde hem moeilijke woorden.
Hij leerde mij wat een koelkastcompressor was.
Dus eigenlijk leerde hij mij moeilijke woorden.
Ik zou dan zijn kleren strijken.
'Goedenmiddag mevrouw', zei de koelkastmonteur.
Nee, och, het was een monteur die buiten mijn generatie viel.
Nee, echt erbuiten.
Meer een soort ome Jan.
Met een bons zette de koelkastmonteur zijn gereedschap neer.
'En wat is er nu precies aan de hand', zei hij toen.
Heel vreemd is dat. Heb je eerst hemel en aarde bewogen om iemand bij je koelkast te krijgen, en als hij er dan eenmaal is, dan voel je een soort van ... nee ik weet het niet. Maar het voelde alsof ik zou gaan hakkelen. En inderdaad. Hakkend begon ik mijn verhaal. Niet over de roomboter beginnen jacq, dacht ik nog. En toen hoorde ik mezelf vertellen over dat hij het eerst helemaal niet meer deed en dat ik dat had gemerkt aan de roomboter. Oh shut up jacq over die roomboter, dacht ik. Maar mijn mes had er doorheen gegleden. En dat was anders nooit! En dat ik toen de stekker eruit had moeten halen. En dat ik toen de stekker er weer in had moeten doen. En dat hij het toen wel weer deed. En dat toen het enge, hoge geluid was gekomen.
De koelkastmonteur stond zo'n beetje de inrichting van mijn huis te bekijken.
Ik moest hem erbij houden.
'En daar kan ik niet mee leven', zei ik.
En dat was ook weer overdreven.
De koelkastmonteur keek mij scherp aan.
'Een eng hoog geluid, zei u' , zei de koelkastmonteur.
'Exactly', zei ik Engels.
Luisterend hief de koelkastmonteur zijn hoofd.
Ik deed hetzelfde, voor de vorm dan vooral.
Stilte was er, en nog nooit was die zo hard geweest.
'Ik wil niet veel zeggen' , zei de koelkastmonteur.
'Vindt u het goed als ik hier even een cliffhanger ophang', vroeg ik nerveus.
'Doet u maar' , zei de monteur.
Er kwam iets van medelijden in zijn ogen.
(Wow, al zeg ik het zelf.)
Diep haalde ik adem.
Ik zwiepte de deur open.
'Ho-oi', zei ik verlegen.
Niets zei hij terug.
Trillend vielen wij in elkaars armen.
En vanaf dat moment was het goed.
Ik leerde hem moeilijke woorden.
Hij leerde mij wat een koelkastcompressor was.
Dus eigenlijk leerde hij mij moeilijke woorden.
Ik zou dan zijn kleren strijken.
'Goedenmiddag mevrouw', zei de koelkastmonteur.
Nee, och, het was een monteur die buiten mijn generatie viel.
Nee, echt erbuiten.
Meer een soort ome Jan.
Met een bons zette de koelkastmonteur zijn gereedschap neer.
'En wat is er nu precies aan de hand', zei hij toen.
Heel vreemd is dat. Heb je eerst hemel en aarde bewogen om iemand bij je koelkast te krijgen, en als hij er dan eenmaal is, dan voel je een soort van ... nee ik weet het niet. Maar het voelde alsof ik zou gaan hakkelen. En inderdaad. Hakkend begon ik mijn verhaal. Niet over de roomboter beginnen jacq, dacht ik nog. En toen hoorde ik mezelf vertellen over dat hij het eerst helemaal niet meer deed en dat ik dat had gemerkt aan de roomboter. Oh shut up jacq over die roomboter, dacht ik. Maar mijn mes had er doorheen gegleden. En dat was anders nooit! En dat ik toen de stekker eruit had moeten halen. En dat ik toen de stekker er weer in had moeten doen. En dat hij het toen wel weer deed. En dat toen het enge, hoge geluid was gekomen.
De koelkastmonteur stond zo'n beetje de inrichting van mijn huis te bekijken.
Ik moest hem erbij houden.
'En daar kan ik niet mee leven', zei ik.
En dat was ook weer overdreven.
De koelkastmonteur keek mij scherp aan.
'Een eng hoog geluid, zei u' , zei de koelkastmonteur.
'Exactly', zei ik Engels.
Luisterend hief de koelkastmonteur zijn hoofd.
Ik deed hetzelfde, voor de vorm dan vooral.
Stilte was er, en nog nooit was die zo hard geweest.
'Ik wil niet veel zeggen' , zei de koelkastmonteur.
'Vindt u het goed als ik hier even een cliffhanger ophang', vroeg ik nerveus.
'Doet u maar' , zei de monteur.
Er kwam iets van medelijden in zijn ogen.
