jacq en de lachende croutons
Je hebt de gewone soep en je hebt de luxe soep. En naast de luxe soep in de kantine van Kantoor staan schaaltjes met croutons. En soms staat er peterselie bij. Of pesto. Of gerapste (zeg nooit geraspte) kaas. Al naar gelang de luxe soep erom vraagt.
Maar waar het mij om gaat: er staat een bordje bij de soepen op Kantoor. Met haastige letters is daarop geschreven: Gaarne een redelijke hoeveelheid toppings gebruiken. Dat bordje, dat laat mij niet los. Dat kan er toch niet zo maar gekomen zijn? Had er ooit iemand ijskoud en zonder emotie het hele schaaltje croutons in zijn luxe soep gekieperd? Was er toen eerst discussie ontstaan, daarna een handgemeen en hadden drie agenten de partijen ten slotte uit elkaar moeten trekken? 'Er zit niets anders op', moet de manager catering diezelfde dag nog hebben gezegd. 'We maken een bordje.' Verstolen wreef hij zijn pijnlijke wang. 'Maar wat moet erop!', had de zenuwachtige kantinejuffrouw zenuwachtig geroepen. De stotterende kantinejuffrouw was begonnen aan een zin. Maar gelukkig had iemand anders er keihard overheen gepraat. Anders was je ja zo weer een uur verder! En toen was dit er dus uit gekomen.
Die discussie kan ik me overigens voorstellen. Wat is een redelijke hoeveelheid? En wie bepaalt er wat redelijk is? Het ligt misschien wel heel erg aan je opvoeding wat je onder redelijk verstaat. Ik ging vroeger een keer eten bij een vriendinnetje waar men het heel redelijk vond dat je rechtstreeks met je vork in de pan prikte. Bij ons thuis vonden mijn vader en moeder dat helemaal niet redelijk, maar dat bleek pas de volgende dag.
Nu neem ik zelf dus nooit de luxe soep maar vorige week dacht ik: we doen eens gek.
'Zeg, heb ik misschien te veel croutons', vroeg ik zenuwachtig aan de zenuwachtige kantinejuffrouw. Ik ben namelijk erg autoriteitsgevoelig op sommige momenten die ik van tevoren ook niet echt zie aankomen. De zenuwachtige kantinejuffrouw keek zenuwachtig naar mijn croutons. Ze begon te tellen, gaf dat op, keek toen van een afstandje naar de croutons en hield haar hoofd schuin. Even was alles stil. Ook de mensen achter mij hielden hun adem in. Alleen de croutons bleven doorpraten, omdat ze niet wisten dat het over hen ging.
De zenuwachtige kantinejuffrouw keek naar de croutons alsof ze er toch liever eerst een foto van zou willen maken, deze dan via de geëigende kanalen aan de verantwoordelijken zou willen verspreiden, om er dan vervolgens nooit meer iets van te horen. Geloof mij, zo gaat dat bij ons op Kantoor. Het is om te huilen maar oh mensen ik lach me verder helemaal ziek!
'Het is goed zo', zei de zenuwachtige kantinejuffrouw uiteindelijk terwijl zij zenuwachtig snoof.
De mensen in de rij achter mij haalden opgelucht adem.
Sommigen aten snel een paar croutons uit hun soep.
Mijn croutons kregen een giechelbui.
Hun laatste.
Maar waar het mij om gaat: er staat een bordje bij de soepen op Kantoor. Met haastige letters is daarop geschreven: Gaarne een redelijke hoeveelheid toppings gebruiken. Dat bordje, dat laat mij niet los. Dat kan er toch niet zo maar gekomen zijn? Had er ooit iemand ijskoud en zonder emotie het hele schaaltje croutons in zijn luxe soep gekieperd? Was er toen eerst discussie ontstaan, daarna een handgemeen en hadden drie agenten de partijen ten slotte uit elkaar moeten trekken? 'Er zit niets anders op', moet de manager catering diezelfde dag nog hebben gezegd. 'We maken een bordje.' Verstolen wreef hij zijn pijnlijke wang. 'Maar wat moet erop!', had de zenuwachtige kantinejuffrouw zenuwachtig geroepen. De stotterende kantinejuffrouw was begonnen aan een zin. Maar gelukkig had iemand anders er keihard overheen gepraat. Anders was je ja zo weer een uur verder! En toen was dit er dus uit gekomen.
Die discussie kan ik me overigens voorstellen. Wat is een redelijke hoeveelheid? En wie bepaalt er wat redelijk is? Het ligt misschien wel heel erg aan je opvoeding wat je onder redelijk verstaat. Ik ging vroeger een keer eten bij een vriendinnetje waar men het heel redelijk vond dat je rechtstreeks met je vork in de pan prikte. Bij ons thuis vonden mijn vader en moeder dat helemaal niet redelijk, maar dat bleek pas de volgende dag.
Nu neem ik zelf dus nooit de luxe soep maar vorige week dacht ik: we doen eens gek.
'Zeg, heb ik misschien te veel croutons', vroeg ik zenuwachtig aan de zenuwachtige kantinejuffrouw. Ik ben namelijk erg autoriteitsgevoelig op sommige momenten die ik van tevoren ook niet echt zie aankomen. De zenuwachtige kantinejuffrouw keek zenuwachtig naar mijn croutons. Ze begon te tellen, gaf dat op, keek toen van een afstandje naar de croutons en hield haar hoofd schuin. Even was alles stil. Ook de mensen achter mij hielden hun adem in. Alleen de croutons bleven doorpraten, omdat ze niet wisten dat het over hen ging.
De zenuwachtige kantinejuffrouw keek naar de croutons alsof ze er toch liever eerst een foto van zou willen maken, deze dan via de geëigende kanalen aan de verantwoordelijken zou willen verspreiden, om er dan vervolgens nooit meer iets van te horen. Geloof mij, zo gaat dat bij ons op Kantoor. Het is om te huilen maar oh mensen ik lach me verder helemaal ziek!
'Het is goed zo', zei de zenuwachtige kantinejuffrouw uiteindelijk terwijl zij zenuwachtig snoof.
De mensen in de rij achter mij haalden opgelucht adem.
Sommigen aten snel een paar croutons uit hun soep.
Mijn croutons kregen een giechelbui.
Hun laatste.
